Fins Lapland: verbonden met mens en natuur

Fins Lapland: verbonden met mens en natuur

Vanaf de havenstad Oulu fietsen we verder noordwaarts het uitgestrekte en dunbevolkte Fins Lapland in. De meest noordelijke regio van Finland is even groot als Nederland, België en Zwitserland bij elkaar. En het bijzondere hieraan is dat er maar 180.000 mensen wonen (oftewel 3% van de Finse bevolking)! Je leest het goed, we zijn geen nul vergeten… Wat betreft fietsen betekent dit lang uitgestrekte en soms afgelegen wegen, grotere afstanden tussen dorpjes, winkeltjes en omringd zijn met bos, bos en nog meer bos én veel dieren!

Wollige vrienden en een gewei!

In Fins Lapland wonen ongeveer 200.000 rendieren, 20.000 meer dan mensen. Zelfs nadat we dagelijks rendieren tegenkomen blijven de dieren elke keer bijzonder om naar te kijken. De manier waarop ze zich voortbewegen, sierlijk dansend en tegelijk heel grappig en soms onhandig, en hun stoïcijnse houding t.o.v. auto’s vinden we ook niet erg. Ze zijn onze grote vrienden wat betreft het vertragen van het verkeer op de 100 km/u wegen die door Lapland lopen, weliswaar met gevaar voor hun leven…

Ze houden ervan om langs of op de weg te staan, misschien omdat ze ook last hebben van de vele muggen en steekvliegen in het bos, omdat ze het leuk vinden om naar Tesla’s te kijken (hier waren we ooggetuige van) of omdat ze graag de waaghals uithangen. Gevaarlijk kan het ook zijn, zeker ‘s nachts op de afgelegen en overlichte wegen. De nachtmerrie van menig autorijdende Fin, maar misschien is de eland nog gevreesder. Deze zijn met hun 500-700 kg een stuk zwaarder en groter dan de rendieren.

De geweien van de rendieren zijn de snelst groeiende botten ter wereld en ze zijn bedekt met een laagje fluwelen basthuid. Ze kunnen maar liefst 2 cm per dag groeien en elk jaar valt het uit en dan groeit er weer een nieuwe voor in de plaats. Wat opvalt is dat veel Finnen een gewei in of rond het huis hebben hangen ter decoratie. Ook Audrey komt na een snelle pauze plots uit de bosjes vandaan met een enorm gewei in haar handen. De huid hangt er zelfs nog aan. Dit gevaarte kunnen we echter niet meenemen op de fiets, maar bijzonder om naar te kijken is het wel.

Het mooie van onderweg zijn en de tijd nemen

We fietsen richting de stad Rovaniemi, de plek waar de échte Kerstman zou wonen. Maar voordat we daar zijn fietsen we nog een paar dagen door kleine en rustige dorpjes. Ergens zien we een mooie plek aan het water met een shelter en een wc. We stoppen en al snel komt er een Finse mevrouw met keukenschort uit een nabijgelegen trailer. “Do you want ice cream?” vraagt ze. Voordat we kunnen antwoorden, zegt ze: “Come inside and have a look!” en nodigt ze ons uit in haar tot mini-café omgebouwde trailer. “Here is also coffee for you. You want to write in my guestbook?”. Dus, plots zitten we daar: te schrijven in haar gastenboek, met in de ene hand een enorm ijs en in de andere koffie, te praten met een Finse vrouw, die zich excuseert voor haar Engels, maar het toch probeert. Als we willen betalen, weigert ze het geld aan te nemen.

Ondertussen worden de supermarkten zeldzamer en elke keer als we er eentje zien maken we er gebruik van, of van hun wc, want die zijn altijd publiek toegankelijk, hoera! 😉 We bakken roerei op een grasveldje naast de supermarkt en worden daarbij aangesproken door een enthousiast koppel wandelaars. In de avonden zwemt Eloy nog een paar keer in de koude Finse meertjes en Audrey plukt ondertussen aalbessen, blauwe bessen en rode bosbessen om er jam van te maken voor op de boterham en om het ontbijt met havervlokken op te vrolijken.

En dan bereiken we Rovaniemi, maar voordat we de stad inrijden besluiten we nog even te pauzeren en wat te eten, want dat voorkomt een hoop ellende 😉 We fietsen een soort recreatieterrein op, en horen een vrouw roepen, “Turkish Flag!”. We zien niet direct waar het vandaan komt, maar zodra we op een bankje zitten komt er iemand naar ons toegelopen. Het is Ceylan, afkomstig uit Turkije en ze woont al verschillende jaren in Finland met haar Finse partner. Haar mond valt open van verbazing als ze hoort waar we allemaal gefietst zijn in Turkije. Ze houdt zelf ook van fietsen rond de stad Rovaniemi. In gebrekkig Engels vraagt ze wat we van Turkije vonden en wat ons favoriete eten in Turkije was. Even later loopt ze terug naar haar vriendinnen, maar dan komt één van de kinderen ons iets op de telefoon laten zien. Er staat: “Have lunch with us”. We zijn moe en twijfelen, maar we gaan toch mee en niet veel later zitten we op de grond aan een Turks-Finse lunch, met Turkse thee en Sarmarolletjes, zonnebloempitten, salades en Finse zelfgebakken blauwe bessentaart. Naast Ceylan zijn er nog twee vriendinnen van haar, uit Turkije en uit Kazachstan, en alle drie volleyballen ze graag. Dus na de lunch worden we uitgenodigd om met hen beachvolley te spelen en dan bijna 3 uur later fietst Ceylan met ons mee de stad in. Met de vraag of ze ons nog bij haar thuis mag uitnodigen één van de komende dagen… !

Rovaniemi: Hardrock, de Kerstman en bijzondere mensen

Rovaniemi is de enige grotere stad in Noord-Finland en met 35.000 inwoners ook het bestuurlijk centrum van Lapland. Bekende inwoners zijn: de kerstman en de Hardrock band Lordi, met hun monsterlijke kostuums ooit winnaars van het Eurovisiesongfestival. Dat Finnen graag naar hardrock en heavy metal muziek luisteren is een understatement, het land heeft het grootste aantal heavy metalbands per 100.000 inwoners van de hele wereld, maar liefst 42 bands per 100.000 inwoners! Er is zelfs een speciale band voor kinderen, Hevisaurus, die optreden in dino kostuums. Genoeg over heavy metal…

Minder bekend, maar ontzettend verwelkomend zijn de Finse Tero en Marika en hun 2 grote honden, die we via Couchsurfing hebben ontmoet en in een oud militair wooncomplex wonen. Tero en Marika hiken zelf regelmatig en hebben hun eigen sneeuwscooter. Want hoe verplaats je je anders in de lange en koude winters van het hoge Noorden? Tero praat vanaf het begin gepassioneerd over alles wat met buiten zijn te maken heeft, over materiaal dat hij meeneemt op trektochten, bergen in Finland, en hij is benieuwd naar onze verhalen. Samen nemen ze ons mee naar een uitkijktoren in de buurt en laten ons kennismaken met de tot dan toe onbekende Finse delicatessen. We proberen de zoute ‘Karjalanpiirakka’: een dunne korst van rogge, gevuld met rijst en kaas erbovenop. Sap van de berkenboom. En de gele bergbraambes bovenop de gekste kaas die we ooit gegeten hebben ‘Juustoleipä’, oftewel ‘piepende’ kaas, die je van tevoren even opwarmt in de pan. Bij elke hap piepen je tanden door de textuur van de kaas!

De volgende dag bakken we pannenkoeken en nadien bezoeken we samen met Tero de Kerstman in Santa Village, maar eigenlijk is de poolcirkel die door het kerstdorp loopt het meest imponerend. We schrijven een paar kerstkaarten voor de neefjes en nichtjes, die worden door de Kerstman op de post gedaan later in het jaar. En plots zitten we daar naast de Kerstman, te praten over de fietsreis en geloof het of niet, maar we vallen bijna van het bankje wanneer hij in het Nederlands terug begint te praten. Wanneer we later op de dag nog even naar het centrum gaan van Rovaniemi zien we daar plots een reisfiets staan. Het blijkt de fiets van de Duitse Sophie; ze is net alleen door Noorwegen gefietst en nu onderweg terug. Tero nodigt haar uit om met ons te gaan eten en zo zitten we niet veel later met z’n allen aan een tafel; wat een gezelligheid.

Voordat we weer vertrekken doen we nog samen inkopen. Tero toont ons de Lapse koeken ‘Mettäkakko’. Ze bevatten een enorme hoeveelheid calorieën, en in het verleden werden ze vooral gegeten door mensen die werkten in de afgelegen bossen. Veel energie en lichtgewicht, handig ook voor fietsen vindt hij. En zo wordt dat al gauw onze favoriete snack voor de paar honderd kilometers die nog volgen door Lapland, samen met wat blauwe bessen erop! We kunnen Tero en Marika alleen maar ontzettend dankbaar zijn voor de fijne dagen samen.

Een denkbeeldige grens over

Door Rovaniemi loopt de denkbeeldige Noordelijke Poolcirkel. Het markeert de zuidelijke grens van het gebied waarbinnen de zon één of meer dagen per jaar niet ondergaat (rond 21 juni) of niet opkomt (rond 21 december). In juni is dan de bekende middernachtzon te aanschouwen in het gebied boven de poolcirkel. Het voel gek om deze “lijn” over te fietsen. Iets wat ooit zo ver weg leek. Wat we er van merken? Nu, in juli en augustus, zijn de nachten bijzonder kort. De zon gaat onder rond 23u en komt weer op rond 2-3 uur ‘s nachts. Omdat we slapen in een muggentent, trekt Eloy steevast elke nacht een sexy slaapmasker over zijn ogen. Regelmatig denken we dat het tijd is om op te staan, terwijl het dan pas 3 uur ‘s nachts is. Toch vindt Audrey het ook bijzonder als ze midden in de nacht naar de wc moet, de weg niet hoeft te zoeken in het donker en terwijl ze gehurkt zit de oranje-roze gloed van de zonsopkomst kan bewonderen.

Zoals op de foto van de ‘Artic Circle’ kunt zien, is Eloy plots zijn tijd ver vooruit… (een oudere Catalaanse man, die graag even met Eloy’s fiets wilde poseren voor een coole fietsfoto, want zelf is hij ook een fervent fietser).

Blikjes vinden en elkaar kwijtraken

Snel fietsen we Rovaniemi uit. De weg is druk en het verkeer rijdt snel, dus erg aangenaam is het niet, maar al snel wordt het rustiger. Zoals we in de vorige blog al schreven, hebben we een nieuw element aan het fietsen toegevoegd: zoveel mogelijk metalen blikjes en plastic flesjes op te rapen en mee te nemen naar de eerstvolgende supermarkt. We fietsen toch al langzaam en het vreet aan ons als we afval in de natuur zien. Vooral langs de grotere wegen ligt er nog redelijk wat afval, waardoor we soms wat verder uit elkaar fietsen. Terwijl Eloy een nieuwe afvalzak pakt, merkt hij niet dat Audrey een zijstraat inslaat. Na een tijdje realiseren we allebei dat er iets niet klopt en fietsen we terug, om elkaar natuurlijk de schuld te geven… dat gebeurt ook 😉

De collectie van één dag fietsen is op onderstaande foto te zien. De totaaluitslag van fietsen door Finland? Meer dan 600 (!) blikjes en flesjes en 60 euro aan statiegeld. En dan hebben we regelmatig stukken moeten overslaan waar het niet veilig was om steeds te stoppen. Finland is een schoon land, met een goed recyclagesysteem, maar de natuur verdient nog beter!

Verbonden en kwetsbaar

Aan het einde van een lange dag fietsen, komen we bij een hek dat in eerste instantie gesloten lijkt, maar het slot dat eraan hangt blijkt open te zijn. Volgens onze kaart zou er een laavu (shelter) moeten zijn. Er zijn verder geen huizen of winkels in de omgeving, maar we zien op de grond wel 2 verse sporen van fietsbanden, dus dat geeft moed 🙂

Na 2 kilometer over een onverhard pad komen we inderdaad bij een verscholen shelter. Terwijl Audrey aan het kampvuur (tegen de muggen, beren en wat nog meer…) en avondeten (aardappelpuree uit zak) begint, zet Eloy de tent op. Omdat Audrey bang is voor bruine beren, ook al is de kans dat ze mensen opzoeken gering, barricaderen we halfslachtig de tent met de fietsen. Voor wat het waard is. Tot dusver zijn we alleen levensgrote houten beren in de voortuinen van Finnen tegengekomen, dikwijls dienstdoend als brievenbus. Toch stopt ze onze zak met eten, pannen en tandpasta maar even in het primitieve wc hokje een stuk verderop. Maar de open afvalbak naast de shelter kunnen we helaas niet verplaatsen… Nu maar hopen dat niet één van die 1500 Finse beren hier wat blauwe bessen komt verorberen. De weidse en verlaten omgeving, maakt ook dat je je meer verbonden, maar ook kwetsbaarder voelt.

Zo blijkt ook de volgende dag. Op zoek naar een afgelegen hut, komen we vast te zitten in een moeras. De blubber loopt in onze schoenen en met z’n tweeën moeten we om beurten één fiets erdoor duwen. Audrey besluit het pad verder te voet te volgen, om te bekijken hoe het verderop is, maar al gauw komt ze terug met de mededeling dat we terug door het moeras moeten, omdat we er verderop met de fiets zeker niet door kunnen. Terwijl Eloy zenuwachtig begint te worden van de gigantische hoeveelheid muggen (want moeras…) en het water in zijn schoenen, ziet Audrey plots kleine gele besjes. Het lukt haar niet om het enthousiasme op Eloy over te brengen, maar dat komt straks wel. Het zijn de cloudberries, of Lakka, oftewel gele bergbraambessen, die moeilijk te vinden zijn en vooral in moerasgebieden groeien! Finnen gaan er graag op uit om ze te zoeken en tijd in de natuur door te brengen. Ze worden vooral geserveerd bij speciale gelegenheden en de prijs voor een potje Lakka-jam is al snel 10 euro. Is dat hachelijke tochtje door het moeras en 10 km omfietsen toch niet voor niks geweest. Gelukkig veilig terug op het droge met een paar gele goudklompjes in een potje, kwetsbaar maar dankbaar.

Betrapt bij de Aurora hut

In Saariselkä, een klein dorpje dat meer een (ski)resort lijkt te zijn, staat het verlaten zomerhuis van de kerstman en er is een winkel waar we wat inkopen kunnen doen. De afgelopen dagen is het ongebruikelijk warm in Lapland, temperaturen van 27 °C worden hier in de zomer zelden gemeten. Normaal is het rond deze tijd van het jaar tussen de 10 en 15 °C. Soms dippen we onze kleren dus in een meertje, dat geeft verkoeling, want de wegen bieden weinig tot geen schaduw.

We besluiten naar een Nationaal Park in de buurt te fietsen. Eloy begint steeds meer te twijfelen aan Audrey’s routekeuzes als ze weer een route heeft uitgekozen met stenen, boomwortels en riviertjes. We maken rechtsomkeer, en kiezen een een ander steil pad, maar door elkaar naar boven te duwen lukt het en arriveren we uiteindelijk bij een enorme en nieuwe hut, de Aurora hut. In de winter bekend voor het prachtige uitzicht en de kans om de Aurora Borealis, oftewel het Noorderlicht te spotten.

De bewaker van de hut, een rendier, barricadeert de doorgang. Later maakt zij echter plaats. Onder het terras hangen we een zak met water op en we douchen met uitzicht op het bos. Officieel mag je niet in de hut overnachten, maar we hopen dat de muggentent in een hoek op het terras wel mag en ‘s nachts trekt de wind aan dus we zijn blij met een klein beetje beschutting van de hut.

Om 7 uur ‘s ochtends horen we iemand het terras oplopen en nadien weer weglopen. We denken dat we betrapt zijn en besluiten snel in onze kleren te springen en de boel op te ruimen, en pas daarna beginnen we met ontbijten. Dan als we willen vertrekken en Audrey naar de wc is, komt een Duitse wandelaar langs. Eloy zegt trots dat hij een aantal push-ups heeft gedaan en ziet als hij zich omdraait dat het niet Audrey is… ‘I have breakfast for you, I saw you earlier sleeping here so I got to town to get you something‘. Stomverbaasd ontvangt Eloy een zak met koffiekoeken en bedankt hij de vriendelijke Duitse jongeman. Dan loopt hij weer verder om ons niet af te leiden van onze ochtend. Is het nog wel in woorden uit te drukken?

Campervrienden

Onderweg naar Inari komen we steeds meer campers tegen. Laten we zeggen dat de verhouding tussen campers en gewone auto’s op de weg 9/10 is. Er zijn in Lapland weinig alternatieve zijwegen, dus het verkeer is op sommige stukken erg geconcentreerd. Velen komen terug van de Noordkaap in Noorwegen of zijn ernaar onderweg. Wanneer we stoppen bij een parkeerterrein langs de kant van de weg, staat naast ons een Duitse camper. We kijken toe hoe de moeder en haar 2 dochters hun haren wassen met water uit het meer. Als we weer willen vertrekken, vraagt de moeder plots of we koffie of thee willen. Ook de man komt erbij en vertelt over hun eigen (onsuccesvolle) fietstocht jaren terug en hoe ze met hun camper naar de talloze rustige plekjes in de Noordse landen rijden en genieten. We delen dezelfde passie en na 2 uur wensen elkaar een goede reis. 

Fietscafé Sininen Fillari

Bij de supermarkt in Inari komen we een aantal Duitse jongemannen met snelle fietsen tegen. Eén van hen is zijn net gekochte havervlokken aan het inpakken, maar hij biedt ons al snel een klein deel aan, want hij krijgt het niet meer in zijn tassen. Hij zegt naar de Noordkaap te gaan en is 4 (!) dagen geleden uit Helsinki vertrokken, terwijl wij er bijna een maand over hebben gedaan. Er zijn vele soorten fietsers dus 😉

Een 25-tal kilometer verderop stoppen we bij een bordje langs de kant van de weg. Er staat: ‘Café Sininen Fillari’ en ‘Welcome cyclist’, ‘Open 10-18h every day’. We parkeren de fietsen tegen een schutting en zien een tipi tent in de tuin van een huis staan. Een vrouw van rond de 80 komt naar ons toe. Ze probeert uit te leggen dat haar Engels niet zo goed, is maar dat we welkom zijn voor een lekkere koffie. Ondertussen nemen we plaats in een bijzondere tipi tent, met stoeltjes en tafeltjes en bewonderen we de zelfgebreide sokken in alle kleuren en maten, zelfgemaakte jam en koeken. Later haalt de dame haar mobiele telefoon erbij en typt ze dat haar man hun dochter, die ook veel fietst, ophaalt. Als de dochter er is vertelt ze hun het verhaal: ‘Mijn ouders hebben na hun pensioen 14 houten huizen/blokhutten gebouwd, van het kappen van de bomen tot de inrichting aan toe. Ze kunnen niet stilzitten en ik ben blij dat ze sinds dit jaar een nieuwe en veiligere hobby hebben gevonden, het openen van een fietscafé!’. Het blijkt dat de man regelmatig fietsers hielp, die gestrand waren in de buurt van hun huis. Ze hebben geen directe buren en de wijde omgeving bestaat uit bos en Lapse natuur. In de winter kan het er gemakkelijk -30°C tot -40°C graden worden en de dagen zijn donker met weinig daglicht. Audrey vraagt hoe ze dat doen in de winter, zo afgelegen. ‘Dat gaat heel goed. Ze zijn hier opgegroeid en zijn het gewend om met deze omstandigheden om te gaan. Er worden dan bijvoorbeeld heel veel sokken gebreid!’.

Naast dat ze dus een fietscafé hebben (wat elke dag open is), mogen fietsers bij hen gratis in de tuin kamperen. We slapen naast een andere tipi die een eindje verderop bij een meer staat. De man maakt het houtvuur in de tipi aan en gebaart dat we erop kunnen koken. We kunnen ons niet voorstellen hoe het is om hier te wonen. Zo afgelegen en dagelijks te zwemmen in je eigen meer in de achtertuin. Na een koude plons, komt het echtpaar nog eens langs. Ze hebben de sauna opgestookt, die ze overigens ook volledig zelf hebben gebouwd en we mogen er gebruik van maken. Zomaar. Er staat zelfs een schommelstoel in met uitzicht op het meer. Wij weten nu: de mooiste sauna, van de liefste mensen, met het mooiste uitzicht, staat in Lapland.

De volgende ochtend regent het en we zijn blij dat we de tarp voor de zekerheid over de muggentent hebben getrokken. Door de regen duurt het langer voordat we op gang komen en voor we vertrekken nodigt het echtpaar en de dochter ons nog een keer uit in de tipi. Ze bieden ons, en nog 2 andere Finse fietsvrouwen, gratis koffie en wafels met de gele bessen aan, om op te warmen. Uiteindelijk vertrekken we om 13u ‘s middags met onze harten gevuld met blijdschap en vriendelijkheid en kunnen we alleen maar besluiten: “They live what they love”.

Mocht je ooit in het Noorden van Fins Lapland komen, breng zeker een bezoekje aan deze bijzondere mensen.   

Saami en Fins

De korte samenvatting: regen, zon, regenbogen, regen, zon, regenbogen, zon, regen, regenbogen. De weg richting Noorwegen is lang en recht, zonder zijwegen of huizen. We hebben vernomen dat deze weg tussen Noorwegen en Finland in de winter van 1943-1944 werd aangelegd door Duitse troepen met behulp van krijsgevangenen, voornamelijk afkomstig uit Zuid-Europa, waarbij velen stierven door de kou. Tijden de Lapland Oorlog (’44-’45), konden de Duitsers zich terugtrekken in het bezette Noorse gebied en werden ze Finland uit gedreven. Een geschiedenis waar vandaag weinig meer zichtbaar van is, behalve een kilometerslange kaarsrechte weg.

Wat ook bijzonder is, is dat we het eerste bordje ‘North Cape’ tegenkomen, dat weliswaar nog een paar honderd kilometer verderop ligt. En veel plaatsnaamborden in Lapland zijn tweetalig: Saami en Fins. De Sami zijn een van oorsprong nomadisch volk dat in Lapland woont en leeft van rendieren, visserij of de jacht. Ze hebben een eigen parlement en wonen zowel in Noorwegen (50.000), Zweden (20.000), Finland (6.000) alsook Rusland (1.800). Tegenwoordig leidt nog maar een kleine minderheid een nomadisch bestaan, maar ze streven ernaar om de cultuur en taal te behouden.

De laatste kota of Lapse hut

Rond 22u ‘s avonds is het nog licht wanneer we bij een plek aankomen waar een kota zou moeten zijn. We rijden er echter voorbij en er is geen pad te bekennen, maar plots zien we dat er tussen de struiken een klein weggetje loopt. Dan volgt er een hek dat maar zeer beperkt open te duwen valt, maar het lukt om de fietsen ertussen te manoeuvreren om vervolgens voor een moeras te staan. Het lijkt wel een soort hindernissenparcours, maar gelukkig liggen er dit keer planken over het moeras. Audrey besluit (onbewust) toch te gaan zwemmen en houdt vanwege de vermoeidheid het gewicht van de zware fiets op de smalle planken niet meer. Gelukkig valt de modder mee… Dan komt de kota in zicht. Een schattig hutje in de vorm van een tipi, met een houtkacheltje erin. We hoeven de tent niet op te zetten en kunnen binnen slapen op de bankjes 🙂

De volgende ochtend vertrekken we richting Noorwegen: nog 10 km bergaf! Wanneer we in het kleine grensplaatsje nog wat inkopen doen, komt Eloy erachter dat hij de oplaadkabel van zijn horloge kwijt is. Die ligt waarschijnlijk nog in de hut waar we vannacht geslapen hebben, maar is wel 10 km bergop terug fietsen… Na een overweging om een sprintje te trekken en er maar één weg is besluit Eloy om te vragen of er een automobilist of camper toevallig die kant op gaat. Hij spreekt een gezin aan, maar helaas blijken ze de andere kant op te gaan, toch willen ze hem wel heen en terug brengen. Ze blijken uit Portugal te komen en zijn op vakantie, onderweg naar de Noordkaap. Zo geschiedde en tot op de dag van vandaag volgen ze de verhalen van onze reis…

Als de hele familie met Eloy terug is, inclusief kabel, stopt er plots ook een camper met 2 meiden vrolijk zwaaiend achter het raam. Het blijkt de Duitse camperfamilie te zijn, die we eerder zijn tegengekomen. Ze vertellen over hun geweldige trip en we wensen elkaar een ‘Auf Wiedersehen‘, want wie weet komen we ze ooit nog wel eens ergens tegen.

We hebben genoten van het fietsen door Finland, van de mensen en de natuur én de verbinding hiertussen, die nog sterk aanwezig is. ‘Metsä kuuntelee silloin kun kukaan muu ei’ is een Finse uitdrukking: ‘het bos luistert wanneer niemand anders dit doet’. De liefde voor het buitenleven, koffie, ijsjes, drop, wildplukken en sauna is oneindig groot. Het land waar bejaarden steppen met hun looprek (echt!). En waar de jeugd de vlaggen op onze fiets beter kent dan elders. Waar vriendelijkheid overheerst en een onverwachte ontmoeting nooit ver weg is.

1500 km, +10.960 hoogtemeters – 33 dagen (7 rustdagen)
Wildkamperen: 18 nachten
Camping: 1 nacht
Lokale inwoners: 14 nachten
Finse sauna: 5
De locaties van de shelters zijn te vinden via: https://www.tulikartta.fi/en/index.php?type=Kaikki&lataus=1

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.